Dan is het zo over! Pardon? Kritiek hebben op de opvoeding van een andere opvoeder. Of ook niet ongebruikelijk, kritiek hebben op de opvoeding van een ander. Het is een hot item, (ver)oordelen. We doen het allemaal. We zijn allemaal de beste opvoeders. Onze manier is de heilige graal. Als elke opvoeder het zo zou doen zoals wij, zouden alle kinderen….
Zouden alle kinderen wat? Het ‘beter’ doen? Ammehoela! Ik heb er drie. Van mezelf. En nog vier. Zo nu en dan te leen. Drie om groot te brengen volgens onze idealen. De andere vier hebben eigen ouders om dat te doen. Daar zal ik me geenszins mee bemoeien. Aan mij om die vier liefde te geven. Meer niet. Opvoeden laat ik aan de ouders over. Maar niet de opvoeding van mijn kinderen. Die is van mij. Over onze (vader één en vader twee) opvoeding of het gebrek eraan is al veel gezegd en gezwegen. Deze keer ging het om het taalgebruik van zoonlief. Hij had een nogal meisjesonvriendelijk woord geroepen naar de dochter van beterweter.
Zoonlief is nogal gevoelig voor taal. Als straattaal of slang een vak zou zijn, zou zoonlief daar absoluut in uitblinken. Ik zie het als talent. Hij moet alleen nog wel leren wanneer je welke woorden gebruikt en tegen wie. Sowieso mogen we in ons huis alleen woorden gebruiken die we ook kunnen spellen. Aan die afspraak had hij zich keurig gehouden. Het lelijke woord kon hij perfect spellen. De juf die het hele tafereel had gadegeslagen loste het met beide op. Ze legde uit dat het woord in deze context niet gebruikt wordt. Ook besprak ze het gevoel van het meisje in kwestie. Het woord kwetste haar. Zoonlief weer iets geleerd over het gevoel van een ander. Het meisje in kwestie en zoonlief lagen alweer samen op de bank te Netflixen (als dat toch ook een schoolvak zou zijn).
Beterweter vond het echter niet genoeg. Beterweter vond dat wij, de ouders van dit product, nóg een keer met hem moesten praten en hem nóg een straf zouden moeten geven voor het delict. Beterweter vond ook dat zoonlief het beter zou doen als hij drie weken bij beterweter in huis zou wonen. Dan zou zoonlief wel een toontje lager zingen, aldus beterweter. Ha. Ik zou hopen dat beterweter na die drie weken met mijn prachtige zoon een toontje lager…of hoger zingt. Mij om het even. Nou vind ik in alle gevallen waar een oplossing voor moet komen, één is genoeg. Dus ook inzake lelijk woord, goed gespeld, op verkeerd moment, tegen verkeerde meisje. Zoon is aangesproken op zijn taalgebruik en het effect ervan. Klaar. Ik geloof niet in dubbel straffen. Ik geloof überhaupt niet in straf. Dat leert een kind geen empathie ontwikkelen, maar het leert hem straf te ontwijken. En ontwijken, laat zoonlief daar nou een kampioen in zijn. Niet het doel van onze opvoeding. En dat mogen wij dus zelf weten. Net als beterweter. Die mag straffen zo vaak hij denkt dat nodig is en op zijn eigen manier. Er is geen goed of fout.
Het gaat over verschillende opvoedstijlen. Wat een illusie en arrogantie is dat van andere ouders. Of van anderen. Denken dat je het beter kan. Dus vinden dat het kind in kwestie niet goed is. Of de ouders. Ik ga uit van de goede bedoeling van elke ouder. En van elke ander. Ouders kennen hun eigen kind het best. En het langst ook trouwens. Hoe anders ging dat op de dag dat zoon vijf euro had gepakt uit de la van zijn liefste juf. Zij drukte me op het hart het er niet, nee nooit, meer over te hebben met hem. Zij had het immers al met zoonlief opgelost. Ze zei: ‘wees blij dat hij het bij mij doet, nu zal hij dat nooit meer doen’.
Dat is me niet gelukt, het er nooit meer over hebben. Ikgebruik het nog vaak als voorbeeld. Zoonlief hoort het dus even zo vaak aan. Dat is dan zijnstraf. Dat zijn moeder alle gebeurtenissen en evenementen rondom zijn groter, sterker enwijzer worden, zo vaak ze kan gebruikt om andere ouders gerust te stellen. Het komt goed. Het komt altijd goed. Dat diepe vertrouwen heb ik altijd. Zo lang je het maar goed bedoelt met je kind. Dat wel. Want één ding hebben we gemeen. We doen allemáál maar wat. Opvoeden, het is een bumpy ride. Ik zou niets liever willen!